Visie op Integriteit

Wat is integriteit? Wanneer is een ambtenaar of is een organisatie integer? Is hiervan sprake bij afwezigheid van corruptie, fraudeleus gedrag of andere vormen van niet integer handelen, of zien we integriteit inmiddels breder? Wetenschappers en experts uit binnen- en buitenland verschillen hierover nog steeds van mening. Daarom geven wij hier nu geen vastomlijnde definitie, maar werken wij het begrip integriteit uit gekoppeld aan de begrippen goed ambtenaarschap en goed werkgeverschap. Hierin komt onze visie op integriteit tot uiting.

Belang van integriteit bij de overheid

De integriteit van de overheid en haar functionarissen is belangrijk omdat zij een belangrijke en ingrijpende rol spelen in het leven van de burgers. De overheid beschikt over bijzondere (exclusieve) bevoegdheden om rechtstreeks het leven van burgers te beïnvloeden, zoals het verlenen van vergunningen, het controleren van voorschriften en het heffen van belastingen. Ook beschikt de overheid over de bevoegdheid om (desnoods met dwang of geweld) de naleving van wetten af te dwingen. De burger is dus in sterke mate afhankelijk van de overheid. Dat betekent tegelijkertijd dat een niet-integere overheid tot het verlies van het vertrouwen van de burger in de overheid leidt. Bovendien behoort de overheid het goede voorbeeld te geven, doet zij dit niet dan zullen ook de burgers zich op hun beurt minder gebonden voelen aan de spelregels van het maatschappelijke verkeer en de daarbij behorende waarden en normen. Integriteit is daarmee in de zienswijze van BIOS een kernwaarde en een element van de kwaliteit van de overheid.

Bevorderen van integriteit

BIOS hanteert een evenwichtige integriteitsbenadering. We richten ons op de bevordering van de integriteit door het ondersteunen van overheidsorganisaties bij het doorlichten van regels, procedures, processen en maatregelen die integriteit duurzaam kunnen borgen. Anderzijds ondersteunen wij overheidsorganisaties bij het stimuleren van de bewustwording, oordeelsvorming van de ambtenaren en het ethische klimaat binnen de organisatie. Kortom, wij richten ons op ondersteuning van zowel de structuur als de cultuur van overheidsorganisaties op het gebied van integriteit.
Door deze combinatie richten wij ons op zowel het voorkomen, beperken, opsporen en afdoen van misstanden en integriteitsschendingen maar worden ambtenaren tevens in staat om hun functie - met het oog op het publiek belang dat zij dienen - steeds beter uit te oefenen binnen de voor hen geldende kaders en de maatschappelijke context. Op die manier werken wij aan het optimaliseren van ‘goed ambtenaarschap' en ‘goed werkgeverschap'.

Goed ambtenaarschap in het kader van integriteit houdt onder meer in dat de ambtenaar:

  • zorgvuldig en verantwoordelijk omgaat met bevoegdheden, middelen en informatie en het algemeen belang dat hij dient, leidend laat zijn;
  • in staat is om verleidingen te weerstaan en, beter nog, te voorkomen dat hij in verleidelijke situaties terecht komt;
  • de regels naar de letter èn de geest interpreteert;
  • een zorgvuldige afweging maakt van de legitieme rechten, belangen en verwachtingen, ook in situaties waarbij het niet (onmiddellijk) duidelijk is wat de juiste keuze is;
  • bereid is om zijn overwegingen (vooraf dan wel achteraf) te toetsen en daarover verantwoording af te leggen.

Goed werkgeverschap in het kader van integriteit houdt onder meer in dat de werkgever:

  • beschikt over een schriftelijk vastgesteld en evenwichtig integriteitsbeleid;
  • de ambtenaar beschermt tegen verleidingen door (onnodige) risico's en verleidingen binnen diens functioneren weg te nemen;
  • het integriteitsbewustzijn en het (moreel) verantwoord optreden van ambtenaren bevordert;
  • het goede voorbeeld geeft en verantwoordelijk is voor het creëren van een veilige cultuur;
  • goed gedrag positief beloont en optreedt tegen onoorbaar gedrag.


1) Heuvel, J.H.J. van den, L.W.J.C., Huberts, K. Steenbergen & Z. van der Wal, Z., Integriteit van het lokaal bestuur. Raadsgriffiers en gemeentesecretarissen over integriteit. Amsterdam, 2010.